top of page
Zoeken

Overijse kiest voor toekomstgericht rioolbeheer: saneringsinkomsten gaan rechtstreeks naar rioleringsinvesteringen

2 minuten geleden
4 minuten om te lezen

Overijse bereidt zich voor op een nieuwe fase in het beheer van de rioleringsinfrastructuur. Met de toetreding als vennoot van Riopact wil de gemeente haar rioleringsbeleid professioneel organiseren en de middelen voor toekomstige rioleringswerken rechtstreeks aan dat doel koppelen. Tegelijk stemt Overijse de saneringstarieven af op de Vlaamse subsidievoorwaarden. Zo wil de gemeente noodzakelijke investeringen blijven realiseren en de beschikbare belastingmiddelen zo efficiënt mogelijk inzetten.



Saneringsinkomsten rechtstreeks inzetten voor de riolering


De rioleringsgraad in Overijse bedroeg 93,5% in april 2026. Dat betekent dat er al een groot deel van het rioleringsnet is uitgebouwd, maar dat verdere investeringen nodig blijven om de infrastructuur te vernieuwen en de resterende aansluitingen te realiseren.


De huidige samenwerking met Aquafin voor het beheer van onze rioleringen loopt af in mei 2027. Omdat het beheer, het onderhoud en de verdere uitbouw van het rioleringsnet steeds complexere technische opdrachten met zich meebrengen, onderzocht de gemeente verschillende mogelijkheden voor de toekomstige organisatie van het rioolbeheer.


De keuze gaat uit naar Riopact, de samenwerking tussen De Watergroep en Aquafin. In dit model wordt de rioleringsinfrastructuur overgedragen en worden de inkomsten, exploitatiekosten en investeringen opgevolgd via een individuele rekening voor Overijse.


Een bijkomend voordeel van het voorgestelde Riopact-model is dat bij rioleringswerken ook het volledige herstel van het wegdek wordt gefinancierd, met uitzondering van extra verfraaiingswerken (nieuwe bomen of banken). Daardoor kunnen rioleringswerken en het herstel van de wegenis beter op elkaar worden afgestemd.


Voor Overijse geeft de combinatie van gespecialiseerde expertise, een individuele financiële rekening en de financiering van het volledige wegdekherstel de doorslag.

De economische waarde van ons huidige rioleringsstelsel wordt geraamd op ongeveer 21,4 miljoen euro. De vergoeding voor de gemeente bestaat hoofdzakelijk uit aandelen en omvat daarnaast een cashcomponent van ongeveer 4,7 miljoen euro. Er is daarnaast ook een belangrijke financiële consequentie. De gemeentelijke saneringsbijdrage op de waterfactuur, de zogenaamde BOT-bijdrage, en de vergoeding voor eigen waterwinners (VEW) worden voortaan rechtstreeks gekoppeld aan het rioolbeheer en komen niet langer als inkomsten op de algemene gemeenterekening terecht.


Tot vandaag droegen deze inkomsten mee bij aan de algemene financiële middelen van de gemeente, waarmee onder meer ook de afbetaling van leningen voor eerder uitgevoerde rioleringsinvesteringen kon worden gefinancierd. Door deze inkomsten voortaan rechtstreeks binnen Riopact in te zetten, wordt de financiering sterker gericht op toekomstige rioleringsprojecten. Tegelijk betekent het wegvallen van deze ontvangsten uit de algemene gemeenterekening een bijkomende uitdaging voor de gemeentelijke begroting en de gemeentelijke autofinancieringsmarge op korte termijn. We zullen de overgang naar deze nieuwe financieringswijze zorgvuldig in ons meerjarenplan verwerken.


Vlaamse subsidies blijven noodzakelijk


Naast de keuze voor een rioolbeheerder moet Overijse rekening houden met de financieringsvoorwaarden die de Vlaamse overheid oplegt. De Vlaamse Milieumaatschappij bepaalt in de projectoproep voor het gemeentelijk investeringsprogramma 2026 dat lokale besturen de maximale gemeentelijke saneringsbijdrage moeten innen om voor subsidies in aanmerking te komen.

Voor Overijse is het belangrijk die subsidiemogelijkheden te behouden. De komende jaren blijven immers investeringen nodig in de aanleg, vernieuwing en uitbreiding van rioleringen en in de aanpak van regen- en afvalwater.


Hoe belangrijk die Vlaamse steun is, blijkt uit concrete projecten in onze gemeente. Neem bijvoorbeeld de rioleringswerken in de Biesmuiterlaan. Bij een totale projectkost van 3,5 miljoen euro ontvangt Overijse 650.000 euro subsidie van de Vlaamse overheid. Dat is een aanzienlijke bijdrage aan de financiering van de werken. Zonder deze steun zou dat bedrag uit andere financieringsmiddelen moeten komen en zou de gemeentelijke begroting zwaarder worden belast.


Het volledig financieren van dergelijke projecten met eigen gemeentelijke middelen zou een bijzonder zware belasting vormen voor de begroting. Door aan de subsidievoorwaarden te voldoen, kan Overijse Vlaamse middelen benutten en vermijden dat de financiering van noodzakelijke infrastructuurwerken onnodig volledig op de lokale belastingbetaler rust.


Daarom wordt voorgesteld om de BOT-bijdrage en de VEW-bijdrage voor de periode 2027–2031 op het maximumtarief vast te leggen. Voor de BOT-bijdrage betekent dit een stijging van 1,4039 naar 1,9572 euro per kubieke meter.



De tariefaanpassing en de toetreding tot Riopact zijn twee afzonderlijke beslissingen. De eerste hangt samen met de Vlaamse subsidievoorwaarden; de tweede bepaalt hoe Overijse het rioolbeheer, de ontvangsten en de toekomstige investeringen organiseert.

Niemand verhoogt graag een bijdrage op de waterfactuur. Maar als Vlaanderen voorwaarden oplegt om voor rioleringssubsidies in aanmerking te komen, moeten we daar rekening mee houden. Het zou financieel niet verantwoord zijn om noodzakelijke investeringen volledig zelf te financieren en tegelijk beschikbare Vlaamse steun mis te lopen. We willen de middelen van onze inwoners zorgvuldig beheren en ervoor zorgen dat we ook in de toekomst in onze riolering kunnen blijven investeren.


Wat verandert er voor de inwoner?


Bij problemen op het openbaar domein zal Riopact instaan voor de nodige interventies. Inwoners kunnen rechtstreeks contact opnemen met de wachtdienst van De Watergroep, net zoals vandaag. Problemen op privéterrein blijven de verantwoordelijkheid van de eigenaar.


Voor nieuwe rioolaansluitingen zullen aanvragen via Riopact verlopen. Na de aanvraag komt binnen tien werkdagen een werftoezichter ter plaatse om de situatie te bekijken en een kostenraming op te maken. Die termijn betreft het plaatsbezoek en de raming, niet de uiteindelijke uitvoering.


De concrete aansluitingskosten voor Overijse liggen nog niet vast. Daarover moeten eerst verdere afspraken worden gemaakt, waarna de financiële regeling aan de gemeenteraad zal worden voorgelegd.


Met deze keuze wil Overijse de technische organisatie van het rioolbeheer versterken, de middelen voor de rioleringsinfrastructuur transparant opvolgen en de noodzakelijke investeringen zo efficiënt mogelijk financieren.

 
 
 

Opmerkingen


Logo Overijse2002NVA - Compleet_edited.jpg

Overijse2002-N-VA

Overijse2002-N-VA is een lokale politieke beweging van onafhankelijken en N-VA in Overijse. Wij streven naar een Vlaams, Groen en Gastvrij OVERIJSE !

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Dankjewel voor je aanmelding!

© 2022 Overijse2002-N-VA

bottom of page